‘Ik heb ze zaterdag zien spelen, maar vond het weer bagger. We zijn amper over de middenlijn geweest en veel meer dan drie, vier fatsoenlijke aanvallen heb ik niet gezien. Het is verdedigen en af en toe een lange haal naar voren, maar meer niet. Als onze spitsen niet zo gemakkelijk scoorden, hadden we dan ook stijf onderaan gestaan. Ik heb trouwens niet de illusie dat onze trainer meer voetbal in de ploeg probeert te krijgen. Als ik zijn trainingen zie, lijkt hij lol maken en strijd leveren namelijk veel belangrijker te vinden.’
‘Tja Roel. Je hebt gelijk. Het punt is alleen dat we na acht wedstrijden al twintig punten hebben en bovenaan staan. De meeste supporters zijn daarom laaiend enthousiast en dat is ook wat waard. Plus dat de kantineomzet flink stijgt, er nieuwe sponsors bij zijn gekomen en de loterij rondom de wedstrijden nog nooit zoveel heeft opgeleverd als dit seizoen. Volgens mij hebben we dus weinig of geen reden om ontevreden te zijn.’
‘Ik ben het met Roel eens en heb me zaterdag staan schamen voor het vertoonde spel. Trouwens ook voor de winst, want Voorwaarts was veel beter en probeerde tenminste te voetballen. Wij hebben alleen verdedigd en gingen er ook nog met de punten vandoor. Als het aan mij ligt, eisen we van de trainer dat hij zijn speelwijze aanpast.’
Anton, een wat oudere man, heeft al een paar keer met zijn hoofd geschud.
‘Mannen, denk na. Wij spelen in de derde klasse en dat is voor ons een behoorlijk niveau. Plus dat goed voetbal voor de meeste supporters niet zo belangrijk is. Het gaat hen om een gezellige middag en drie punten, dus worden ze op hun wenken bediend.’
‘Dat is waar, maar je moet niet zien hoe de punten bij elkaar gesprokkeld worden. Ik kan me ook niet voorstellen dat de spelers hiervan genieten. De JO19-1 speelt zelfs beter voetbal dan het eerste en dat is toch triest.’
Anton denkt even na voor hij antwoord geeft.
‘Jullie moeten het reëel bekijken. Onze spelers missen namelijk kwaliteit om goed voetbal te spelen en denken daar volgens mij ook niet over na. Winnen en in het eerste staan, is voor hen het belangrijkste. Dat de JO19-1 prima voetbal speelt, is trouwens niets bijzonders. Die knapen zijn, voetballend gezien, namelijk beter dan de spelers van het eerste.’
Roel knikt, maar is het niet met Anton eens.
‘Voor een deel heb je gelijk. Onze jongens kunnen echter wel beter voetbal spelen dan ze nu doen en er zijn meer mensen die er zo over denken. Laat de trainer dan in ieder geval voor een tussenweg gaan. Dus niet te mooi willen spelen, maar stoppen met dit afbraakvoetbal.’
‘Dat wil hij misschien ook wel, maar volgens mij zou dat dom zijn. Met aanvallender spel hadden we namelijk minimaal de helft minder punten gehad en nu onderin gestaan. Waren jullie dan wel blij geweest? Als je bij de ondersten staat, kun je trouwens ook zomaar degraderen en dan is de ramp nog veel groter.’
Anton neemt een slokje cola, maar praat dan verder.
‘Natuurlijk zie ik net als jullie liever beter voetbal dan wat ze ons nu voorschotelen. Ik word echter liever kampioen met slecht voetbal, dan dat ik degradeer met beter voetbal en volgens mij denkt het grootste deel van de club er net zo over.’
‘Oké, maar stel dat we promoveren. Ik zie het niet gebeuren, maar die kans is er. Dan wordt dat toch een grote droefenis. Met dit voetbal pakken we in de tweede klasse immers geen punt of zie jij dat ook anders?’
‘Ik zie ons wél kampioen worden en hoop dat we er dan wat spelers van buitenaf bij krijgen. Plus dat er vanuit de JO19-1 drie jongens bij de
A-selectie komen. Ze missen nog kracht, maar ik verwacht dat ze gelijk in het eerste komen. Het team wordt dus sterker en daarom verwacht ik dat we ons in de tweede klasse handhaven. Zo'n goed voetbal spelen ze daar immers ook weer niet.’
Roel begint nu wat te zeuren.
‘Maar wat als we promoveren en met het huidige team in de tweede klasse moeten spelen?’
‘Dan redden we het niet, maar nu benader je de zaak te negatief. Er komen immers talentvolle jeugdspelers over en we krijgen er echt wel wat jongens van buitenaf bij. Omdat we niet betalen, zullen dat niet de grootste sterren zijn. Door gezelligheid en goede randvoorwaarden, kunnen we echter best aantrekkelijk zijn voor sommige spelers.’
Gert bemoeit zich nu ook met de discussie.
‘Anton, waarom wil je zo graag promoveren?’
‘Je hebt me óf verkeerd begrepen óf ik heb het niet goed uitgelegd. Met aanvallender voetbal hadden we volgens mij lager of zelfs heel laag gestaan. Daarom vind ik dat de trainer zijn team op een verstandige manier laat voetballen. Nu maken we een grote kans om te promoveren en als dat gebeurt, vind ik dat we onze huid zo duur mogelijk moeten verkopen. Daarom vind ik dat we moeten proberen om onze talentvolle jeugd bij de club te houden en lijkt het me goed om te kijken of we ons met spelers van buitenaf kunnen versterken.’
De heren blijven het oneens met Anton, maar die krijgt uiteindelijk wel gelijk. Het eerste wordt namelijk kampioen en krijgt er spelers bij vanuit de jeugd en van clubs uit de regio. Daardoor komt er veel meer voetbal in de ploeg en dat zorgt ervoor dat iedereen uiteindelijk blij is.
Reacties
Let op: HTML wordt niet vertaald!