Hier hebben ze al ontelbare discussies over gehad, maar ze zijn daardoor eerder verder uit elkaar gegroeid dan dat er wederzijds begrip is ontstaan. Mede door de voortdurende onzekerheid over hun toekomst, is ervan een normaal huwelijksleven ook al tijden geen sprake meer en het lachen lijken ze verleerd te zijn
Als Anton even later in de keuken komt en zijn vrouw met een strak gezicht bij het aanrecht ziet staan, vraagt hij zich af wat er nu weer aan de hand is. Dat wordt hem, als ze begint te praten, echter heel snel duidelijk en wel op een heel pijnlijke manier.
‘Ik moet je iets vertellen. Omdat ons huwelijk al tijden niets meer voorstelt en je alleen nog kunt denken aan de heilloze missie om je werk op de boerderij door te zetten, heb ik besloten om bij je weg te gaan. Er is absoluut geen ander in het spel, maar op deze manier hebben we niets meer aan ons leven. Jij hebt dat voor je werk over, maar ik niet. Omdat wij het niet samen eens worden hoe we met de toekomst om moeten gaan, heb ik, met pijn in mijn hart, besloten om voor mezelf te kiezen.’
Anton schrikt niet echt, want hij was er al een heel tijdje van overtuigd dat dit eraan zat te komen. Hoewel hij het heel erg vindt, kan hij ook niet zeggen dat hij iets van verdriet voelt. Het is voor hem namelijk weer een nare gebeurtenis die hij bij de rest van alle ellende op kan stapelen en zijn leven nog veel moeilijker maakt.
‘Tja, wat moet ik hiervan zeggen. Jammer dat het spelletje wat de overheid nu al tijden met ons speelt dit teweeg brengt. Natuurlijk bestaat ons leven uit alleen maar narigheid. Het probleem is dat ik niet kan stoppen met de boerderij en dat weet je. Ik voel me namelijk boer, ben boer en wordt echt doodongelukkig als ik wat anders moet gaan doen. Me laten uitkopen is trouwens ook geen optie, want dan zullen we moeten verhuizen en ik maak een einde aan mijn leven als ik in een rijtjeshuis moet wonen. Ik vraag me trouwens af of we met een uitkoop of anders een verkoop wel genoeg ontvangen om de bank en misschien ook wel de belasting af te betalen.’
‘Ik ga niet meer met je in discussie, Anton. Dat heb ik namelijk al veel vaker dan vaak genoeg gedaan. Mijn besluit staat echter vast. Ik ga bij mijn broer wonen en bel je over een paar weken wel om te overleggen hoe we verder gaan.’
Anton kijkt zijn vrouw even doordringend aan en ziet haar tranen wel, maar is te versuft door alle problemen om iets te doen of te zeggen en loopt zwijgend naar buiten. Als hij bij zijn koeien komt, zou hij graag een tijdje willen huilen. Zijn tranen zijn echter al heel lang op en daarom gaat hij als in een droom verder met zijn werk.
Als hij tegen half een binnenkomt en ziet dat zijn vrouw vertrokken is, beseft hij dat hij voor zijn eigen eten moet zorgen. Daar besluit hij echter geen probleem van te maken. Een paar boterhammen zijn namelijk snel klaargemaakt en vanavond gaat hij wel even naar de snackbar iets verderop.
Het eten wordt dus geen probleem, maar als hij ’s avonds op de bank zit, dringt het tot hem door dat hij dit niet iedere dag moet doen. Patat en snacks zijn best lekker, maar dit dagelijks eten is niet goed voor zijn gezondheid en voor zijn portemonnee is het ook niet heel verstandig.
Hoe het dan wel moet, weet hij echter ook niet. Hij heeft namelijk nog nooit gekookt en gelooft niet dat hij in staat is om het zichzelf aan te leren. Als hij een tijdje voor zich uit heeft zitten staren, besluit hij een borreltje te pakken en dat maakt alles nog veel erger.
Hij laat het namelijk niet bij een of twee, maar drinkt door tot hij huilend van verdriet in slaap valt. Dit is het ergste nog niet, maar het is wel een drama dat de fles zijn bondgenoot wordt en hij al snel veel meer geld aan alcohol dan aan de rest van zijn boodschappen uitgeeft.
Natuurlijk denkt hij ook nog wel over de toekomst, maar hij voelt zich voor het ongeluk geboren en gelooft niet meer in betere tijden. Als hij op een avond zijn vrouw over de weg ziet fietsen, gaan zijn ogen echter eindelijk een klein beetje open. Zeker als hij over vroeger denkt en beseft dat ze samen ook erg gelukkige tijden hebben gekend.
Dit is echter voorbij, maar zou het dan nooit meer terug kunnen komen? Hij heeft een hele tijd gedacht van niet en vond zijn vrouw enorm ongevoelig, maar heeft hij ooit weleens echt naar haar mening geluisterd. Eerst denkt hij van wel, maar dan moet hij, tot zijn schaamte, bekennen van niet. Hij wilde immers alleen maar over doorgaan met de boerderij praten en verder nergens over.
Zijn werk was dus eigenlijk belangrijker voor hem dan zijn huwelijk. Misschien kan hij zijn fout echter nog wel goedmaken en als hij daar even over nadenkt, besluit hij het meteen maar te gaan proberen. Als hij een kwartiertje later bij zijn vrouw komt, blijkt ze al dagen op de uitkijk te hebben gezeten of hij eraan kwam.
Hoewel Anton geen prater is, valt het gesprek hem daarom heel erg mee. Vooral nadat zijn vrouw heeft gezegd dat ze liever de boerderij verliest dan hem en hun geluk. Er komen wel weer tranen, maar alleen van blijdschap en niet meer van verdriet.
Reacties
Let op: HTML wordt niet vertaald!