‘Best. Ik ben vanmiddag na het boodschappen doen even bij haar geweest.’
‘Hoe was het?’
‘Ik verbaas me er iedere keer weer over dat ze zo opgeruimd is. Natuurlijk werkt haar geheugen nog perfect en ze weet precies wat er allemaal in de wereld gebeurt. Plus dat ze volgens de dokter kerngezond is. Alleen dat linkerbeen laat haar regelmatig in de steek. Ze heeft wel een rollator, maar ook daarmee gaat het lopen niet echt goed en volgens mij vindt ze dat zelf ook. Ik heb haar de laatste tijd namelijk amper nog in beweging gezien en zou me voor kunnen stellen dat een gezonde en overal in geïnteresseerde vrouw stapelgek wordt van het elke dag weer in die stoel zitten.’
Rob knikt.
‘Ja, wat dat betreft ben ik erg trots op haar. Ze is vierentachtig, maar gedraagt zich als iemand van vierentwintig. Alleen jammer van dat been, maar je hoort haar er nooit over klagen en ook niet dat ze alle dagen alleen in huis zit. Op de thuiszorg en wij na komt er, volgens mij, namelijk zo goed als niemand. Gelukkig komen ze haar ’s avonds altijd vrij laat naar bed helpen, want nu kan ze tenminste nog tv kijken.’
‘Klopt, want daar geniet ze volgens mij wel van.’
‘Dat denk ik ook.’
Ellie, Robs vrouw, zit even naar buiten te kijken, maar kijkt haar man dan een beetje bezorgd aan.
‘We hebben het er eigenlijk nog nooit met haar over gehad wat we gaan doen als het thuis echt niet meer gaat. Of heb jij er al wel met haar over gesproken?’
‘Nee, maar dan zal ze naar een verzorgingstehuis moeten en haar kennende, geloof ik niet dat ze daar heel moeilijk over gaat doen. Ze heeft immers overal begrip voor. Zelfs voor het feit dat de dames van de thuiszorg zo afgeknepen worden dat ze amper nog tijd voor haar hebben. Ik ga trouwens.’
‘Vergeet haar niet de groeten van me te doen.’
Als Rob vijf minuten later bij zijn moeder binnenkomt, krijgt hij de schrik van zijn leven. Hij ziet het mensje namelijk met een spierwit en van pijn verwrongen gezicht in de kamer liggen en zakt daarom, zo snel hij kan, op zijn knieën bij haar neer. Tot zijn grote blijdschap is ze wel redelijk aanspreekbaar en daarom is het hem al snel duidelijk wat er is gebeurd.
Ze wilde namelijk snel even naar de deur lopen voor een collectant en is toen tegen de hoek van de tafel gelopen en gevallen. Rob, die haar al diverse keren heeft gezegd dat ze voor niemand open moet doen en haar alarmering niet altijd op het tafeltje moet laten liggen, hoort echter amper wat ze zegt. Hij vreest namelijk dat ze iets gebroken heeft en belt daarom eerst 112 en daarna zijn vrouw.
Gelukkig voor hem, zijn beiden er al vrij snel en duurt het niet lang voor ze richting het ziekenhuis gaan. Daar wordt zijn moeder grondig onderzocht en blijkt dat ze niets gebroken, maar wel een aantal behoorlijke kneuzingen heeft. Als Rob en Ellie een uurtje later aan haar bed zitten, blijkt haar optimistische karakter echter wel een flinke schade te hebben opgelopen. Vooral omdat ze er al een uur blijkt te hebben gelegen voor Rob bij haar kwam.
‘Ik ben vreselijk geschrokken en hartstikke blij dat ik een paar dagen hier moet blijven, want ik ben heel erg bang dat het me nog een keer gebeurt.’
‘Dat begrijpen we, ma. Als je die alarmering bij je had gehad, had je er echter op kunnen drukken en was de ellende veel minder groot geweest.’
‘Ja, ik begrijp nu wel hoe dom het van me is geweest dat ik altijd zo slordig met dat ding ben omgesprongen. Al lost dat mijn probleem niet op. Nu ik een keer gevallen ben, ben ik namelijk erg bang geworden dat het me nog een keer gebeurt en het dan minder goed afloopt. Misschien is het daarom toch wel beter om over een verzorgingshuis na te gaan denken. Daar hoef je bijvoorbeeld maar een paar meter te lopen om naar de wc en de keuken te kunnen en nu is het best een heel stukje.’
‘Slaap er eerst maar een nachtje over, dan praten we morgen wel verder.’
‘Is goed, maar ik denk niet dat ik van gedachten verander.’
Rob en Ellie zijn het op de terugweg naar huis al vrij snel met elkaar eens.
‘Als ze zelf aangeeft dat ze een verzorgingshuis geen probleem vindt, moeten we er volgens mij morgen direct mee aan de slag. Ik begrijp dat ze zich daar veiliger voelt en het stelt mij ook wel gerust dat er daar veel meer op haar gelet wordt. Ze heeft namelijk nog geluk gehad dat ze er maar een uur gelegen heeft, want het hadden er ook twee of drie kunnen zijn en ze had ook nog veel meer pijn kunnen hebben.’
‘Je hebt gelijk.’
Als Rob de volgende ochtend bij de huisarts is om te vragen bij wie hij moet zijn om voor zijn moeder een plaats in plekje in een van de twee plaatselijke verzorgingstehuizen te regelen, krijgt hij een enorme schrik te verwerken. Vanwege allerlei problemen, zoals een gebrek aan geld en personeel, blijkt er voor zijn moeder voorlopig namelijk alleen maar plaats te zijn in een tehuis wat ongeveer veertig kilometer verderop ligt.
Hij luistert daarom niet meer wat ze hem nog meer te vertellen hebben, maar kapt het gesprek af en besluit naar huis te gaan. Onderweg komt er al een plan bij hem naar boven en als hij thuis Ellie alles heeft verteld., begint hij er gelijk met haar over.
‘Ma gaat zich daar echt niet thuis voelen en ik vergeeft het mezelf nooit als dat invloed op haar gezondheid gaat krijgen. Dat ligt niet aan dat tehuis en die mensen daar, maar ma is een eenvoudig vrouwtje die je niet uit haar vertrouwde omgeving moet halen. Hier komt ze vast en zeker talloze oude bekenden tegen, maar daar kent ze niemand. Door alle bezuinigingen van de laatste kabinetten is er hier echter geen plek voor haar. Daarom vind ik dat we hier moeten gaan verbouwen, zodat wij voor haar kunnen zorgen. Zij heeft altijd voor mij en ons klaargestaan en daarom vind ik het mijn plicht om het nu maar om te draaien.’
‘Het is hartstikke triest dat het zo moet, maar ik ben het helemaal met je eens, Zet de boel maar zo snel mogelijk in gang.’
‘Ga ik doen.’
Reacties
Let op: HTML wordt niet vertaald!