Omschrijving
Als al hun spullen in de verhuiswagen zitten, lopen Roy en zijn moeder Yvonne nog een laatste ronde door het huis. Daarna draaien ze de voordeur op slot en houden ze elkaar even stevig vast. Ze willen wel wat zeggen, maar zijn bang om zichzelf en elkaar verdriet te doen en daarom zwijgen ze. Ze verhuizen namelijk niet zomaar. Roy, die vanwege een probleem met zijn been moeite heeft met lopen, is de laatste jaren namelijk enorm gepest. Zijn moeder en de juffen en meesters op school hebben wel hun best gedaan om daar iets aan te doen, maar dat is niet gelukt. Het werd zelfs steeds erger en daarom heeft Yvonne besloten om naar het platteland te verhuizen. Ze verwacht namelijk dat men daar anders met elkaar omgaat dan in de stad en haar oogappel daardoor een normaal leven krijgt. Daar zijn ze ook aan toe, want ze hebben de laatste jaren heel veel gehuild en meer nachten geheel of gedeeltelijk wakker gelegen dan goed geslapen.
Als ze de straat uit zijn gereden, strijkt Yvonne haar zoon over zijn hoofd.
‘Nou, op naar een nieuwe toekomst. Je zult zien dat de ellende nu voorbij is en je binnenkort vrienden in overvloed hebt. Je nieuwe school is trouwens veel kleiner dan je vorige en alleen daarom al gaan ze daar heel anders met elkaar om dan je gewend was.’
‘Ik hoop het. Als het pesten niet ophoudt, weet ik namelijk niet of ik nog wel verder wil leven. Het is namelijk vreselijk om iedere dag weer voor ‘manke’ uitgescholden te worden.’
Yvonne voelt de tranen naar boven komen, maar beseft dat ze sterk moet zijn en probeert haar jongen moed in te praten.
‘Ik weet dat het erg moeilijk voor je is geweest. Je moet echter nooit meer zeggen dat je wil stoppen met leven, maar altijd hoop blijven houden op betere tijden. Vooral omdat kinderen uit een dorp dus aardiger zijn dan die uit de stad.’
Roy kijkt zijn moeder treurig aan.
‘Vind je het raar dat ik niet kan geloven dat het pesten voorbij is. Ik ben twaalf en wordt al vijf jaar gepest, dus waarom zou het nu over zijn?’
‘Omdat ze in een dorp dus anders met elkaar omgaan dan in een stad.’
‘Zouden ze daar echt anders zijn? Ik geloof er niets van, want volgens mij hebben ze overal een slachtoffer om te pesten. Jij kunt trouwens wel zeggen dat ik niet moet willen stoppen met leven, maar zo leuk heb ik het niet. Kun jij me geen les geven zodat ik niet meer naar school hoef?’
‘Als ik dat kon, had ik het al lang gedaan. Ik begrijp trouwens wel dat je nog niet veel vertrouwen in de toekomst hebt.’
‘Stel dat je gelijk hebt en het op mijn nieuwe school beter gaat. Dan is dat maar voor een jaar, want dan moet ik naar een school in de stad en begint alles weer opnieuw.’
‘Tegen die tijd heb je vrienden en die helpen je wel. Met wat hulp ben je zo van die pestkoppen af. Als die er dan trouwens nog zijn, want oudere kinderen pesten minder dan jongere.’
‘Hoe weet jij dat?’
‘Dat heb ik gelezen.’
‘Het zou mooi zijn, maar de vraag is natuurlijk of dat veel aan mijn leven verandert. Een leuk meisje kan ik immers wel vergeten.’
‘Waarom?’
‘Omdat er niemand is die iets met een manke jongen wil. Op mijn oude school lachten die meiden me toch ook allemaal uit.’
Yvonne beseft dat Roy niet op te vrolijken valt en is daarom blij dat ze bij hun nieuwe woning zijn. Daar wacht hen namelijk het nodige sjouwwerk, zodat ze voorlopig geen tijd hebben om over hun toekomst te praten. Ze zou alles wel voor hem willen doen, maar kan alleen hopen dat het gepest eindelijk voorbij is. Natuurlijk vooral voor hem, maar ook voor zichzelf. Ze vindt het namelijk vreselijk om de jongen zo te zien lijden.
Omdat het vakantie is, ziet Roy de eerste dagen niemand van zijn leeftijd. Zijn moeder raadt hem wel aan om een rondje door het dorp te fietsen en biedt ook aan om mee te gaan, maar dat wil hij niet. Hij is er namelijk van overtuigd dat het pesten binnenkort verder gaat en is daarom blij met iedere ‘rustige’ dag die hij heeft.
De eerste weken is hij nog redelijk vrolijk, maar hoe dichter hij bij het einde van de vakantie komt, des te triester hij wordt. Zijn moeder ziet het wel, maar besluit, uit angst dat ze zijn probleem nog groter maakt, te zwijgen en hoopt vurig dat het allemaal meevalt.
De ochtend dat hij voor het eerst naar school moet, komt hij met een spierwit gezicht en rode ogen van het huilen beneden. Yvonne zou daarom het liefst haar armen om hem heen slaan en probeert hem nog wat moed in te praten.
‘Vanmiddag ben je vast erg blij dat we hier zijn gaan wonen en misschien maak je vandaag gelijk wel vrienden. Moet ik trouwens met je mee fietsen naar school? Ik hoef pas om negen uur op mijn werk te zijn, dus dat kan best.’
‘Ik ga wel alleen. Als jij weg bent, moet ik immers ook in mijn eentje. Mooi trouwens dat je al een baantje hebt gevonden en meer gaat verdienen dan eerst, want zo rijk zijn we niet. Eerder arm.’
Yvonne moet weer erg haar best doen om zich goed te houden en is daarom blij dat Roy naar buiten loopt om te gaan. Als ze hem na staat te kijken, komen er echter toch tranen en veel ook.
Daarom wast ze eerst even haar gezicht en stapt ze dan op haar fiets om te gaan werken.
Het wordt een vreselijke ochtend voor haar, want ze is in gedachten continu bij Roy en opeens erg bang dat het verhuizen niets geholpen heeft. Ze lijkt gelijk te krijgen. Als Roy tegen half één de keuken binnenkomt, ziet ze namelijk een gebroken kind. Ze vraagt daarom niets en drukt hem stevig tegen zich aan. Omdat hij blijft huilen, besluit ze hem ziek te melden op school. Gelukkig mag ze van haar werkgever, die ze over Roy heeft verteld, indien nodig, vanmiddag ook thuisblijven en dat doet ze. Ze kan alleen niet echt wat voor hem doen. Hij moet morgen namelijk toch weer naar school en hoewel de directeur aan de telefoon zei dat hij er alles aan zou doen om het pesten te stoppen, verwacht ze daar weinig van. Dat soort beloftes hielpen op Roy zijn vorige school namelijk ook niets.
Als net na vier uur de bel gaat en Yvonne naar de deur loopt, staat er een keurig gekleed en beeldschoon meisje op de stoep.
‘Dag mevrouw. Ik kom wat tegen Roy zeggen. Mag ik binnenkomen?’
‘Ik neem niet aan dat je hem komt pesten. Kom dus maar binnen en hartstikke goed en fijn trouwens dat je er bent.’
Roy, die het meisje gehoord heeft, weegt snel zijn tranen weg en durft haar amper aan te kijken. Zij gaat echter naast hem op de bank zitten.
‘Sorry voor vanochtend. Je weet dat ik er niet aan meegedaan heb, maar als ik die jongens in het fietsenhok en op weg naar huis gezien had, had ik je geholpen en dat ga ik vanaf nu ook doen. Kom me morgenochtend daarom maar thuis ophalen, dan zorg ik ervoor dat er niets gebeurt. Ik woon trouwens in het eerste huis als je die weg daar naar het bos neemt en wat mij betreft worden we trouwens vrienden. Als jij dat tenminste ook wil.’
‘Natuurlijk wil ik dat. Heel graag zelfs.’
Roy straalt opeens zoals hij in geen jaren heeft gedaan, maar Yvonne twijfelt. Niet vanwege het meisje, dat Suus heet, maar vanwege haar ouders. Als ze aan de weg naar het bos wonen, hebben ze namelijk heel veel geld en vinden ze het misschien wel helemaal niet goed dat hun dochter een arm en gehandicapt vriendje heeft.
Rangen en standen zijn er wel niet echt meer, maar Yvonne weet niet of ze helemaal weg zijn en zou het vreselijk voor Roy vinden als zijn vriendschap niet doorgaat.
Daarom besluit ze na het avondeten naar de mensen toe te gaan. Ze ziet er wel erg tegenop, maar dat blijkt onnodig te zijn geweest. De hartelijkheid van Suus haar ouders doet het ijs namelijk snel breken.
‘We zijn enorm trots op de actie van onze dochter en steunen haar. Volgens ons is ze een voorbeeld voor velen. Ze komt namelijk altijd op voor mensen die het moeilijk hebben en als ze iemand aardig vindt, is er niets wat voor haar een vriendschap in de weg kan staan en ze heeft gelijk. Roy kan er immers niets aan doen dat hij een beperking heeft en waarom zouden wij ons meer voelen dan mensen die het minder hebben dan wij? Het is immers niet mijn verdienste dat ik rijke ouders had en blijkbaar een goed stel hersens heb.’
Als Yvonne een uurtje later naar huis fietst, huilt ze weer. Nu echter van blijdschap en dat zal ze de komende jaren nog vaker doen. Bijvoorbeeld als Roy zijn vriendin voor komt stellen als zijn meisje en ze weer wat jaren later besluiten om ook de rest van hun leven samen te delen.

Forex square aloe vera. Vierkantjes van forex, die je op meerdere manieren kunt combineren. Afmeting 20 x 20 cm en 3 mm dik. Geschikt voor binnen en buiten en ze kunnen hangen of staan.
KLIK HIER VOOR MEER SQUARES