Omschrijving
Als Piet tegen kwart voor zes de kamer inloopt, ziet hij zijn zoontje in zijn gewone kleren zitten.
‘Ha, Erik. Waarom heb je geen trainingspak aan? Moet je niet trainen? Je bent toch niet ziek?’
‘Het is afgelast.’
‘Ik kwam Jorrit en zijn pa namelijk net wel tegen.’
‘Die zit in de JO11-1 en die kunnen altijd trainen.’
‘Hoezo? Hun trainingsveld is toch ook te nat?’
‘Nee, want zij trainen op het kunstgrasveld.’
‘Is daar geen ruimte voor jullie? Ik vind dit te gek worden. Jullie trainen vaker niet dan wel en het is ’s zaterdags ook al een paar keer afgelast, terwijl er op het andere veld wel gevoetbald werd.’
‘Gelukkig moeten we zaterdag uit. Ik weet niet hoe het met dat kunstgrasveld zit, maar volgens mij is er voor ons wel ruimte om te trainen.’
Als Piet het trieste gezicht van Erik ziet, besluit hij naar de club te gaan. Daar zal namelijk wel iemand zijn bij wie hij zijn ongenoegen kan uiten.
‘Ik ga nu naar het voetbalveld en vragen waarom jouw team zo weinig kan trainen en voetballen. Dit lijkt namelijk nergens op.’
Erik kijkt zijn vader geschrokken aan.
‘Je moet geen ruzie gaan maken, hoor. Straks krijg ik ervoor op mijn kop en dat wil ik niet.’
‘Maak je geen zorgen, vriend. Ik heb het recht om te vragen waarom de vereniging jullie zo slecht behandeld en als ze daardoor rot tegen je gaan doen, gaan we toch naar een andere club.’
Piet begint zich onderweg steeds bozer te maken en zeker als hij het trieste gezicht van Erik weer voor zich ziet. Als hij bij de club komt en ziet dat het kunstgrasveld voor de helft leeg is, ontploft hij helemaal van woede. Hij loopt daarom zonder ergens over na te denken naar de bestuurskamer, waar hij met overslaande stem tegen de jeugdsecretaris begint te schreeuwen.
‘Nu moet je me eens wat uitleggen. Mijn zoon zit teleurgesteld thuis omdat zijn team niet op het kunstgras mag trainen en nu zie ik dat het veld maar voor de helft bezet is. Dat is toch een slechte zaak. Vinden jullie die JO11-3 soms niet belangrijk en denken jullie, net als veel andere clubs, ook alleen aan de selectieteams? Zeg het dan, want dan gaan we vanavond nog met het hele team op zoek naar een andere club.’
De secretaris lijkt even te schrikken van Piet zijn uitval, maar reageert dan heel rustig.
‘Ik wil best proberen om iets aan uw probleem te doen, maar dan moet u normaal gaan doen. Als u blijft schreeuwen gaat dat namelijk niet lukken.’
Piet hoort wel wat de man zegt, maar is niet voor rede vatbaar en blijft schreeuwen.
‘Geen wonder toch dat ik boos ben en wat luider praat dan normaal. Mijn zoon en zijn teamgenoten voetballen en trainen namelijk graag, maar krijgen daar amper de kans voor en dat irriteert me. Het is namelijk niet normaal dat hun wedstrijden en trainingen vaker afgelast worden dan ze doorgaan. Vooral omdat de andere teams wel volop trainen en voetballen.’
‘Ik zei net al dat ik op een normale manier wel met u wil praten. Als u dat niet kunt, vraag ik u echter te vertrekken.’
‘Ik ga al en zeg gelijk het lidmaatschap van Erik op. Ook ga ik de andere ouders bellen en vragen of ze meegaan naar een club waar hun kinderen wel minimaal een keer per week kunnen sporten.’
Piet loopt met grote stappen naar buiten. Als hij daar een andere ouder treft en zijn verhaal nog eens dunnetjes en luidruchtig overdoet, kijkt de vrouw hem spottend aan.
‘Vindt u het raar dat de secretaris niet met u wilde praten?’
‘Ja, maar volgens mij denkt u daar anders over.’
‘Dat doe ik zeker, want hoe zou u reageren als iemand zo tegen u schreeuwde? Ik zou hem of haar ook niet te woord staan, maar u kunt die manier van communiceren natuurlijk normaal vinden en thuis net zo doen.’
‘Ik ben altijd rustig, maar vindt het erg oneerlijk dat het team van onze kinderen steeds niet sporten kan en de andere teams wel.’
‘Mee eens, maar u had rustig moeten blijven en bent nu veel te ver gegaan.’
‘U heeft gelijk, maar het lijkt me zinloos om terug te gaan naar die secretaris. Ik vrees namelijk dat ik binnen twee tellen weer ruzie met hem heb.’
‘Zal ik met u meegaan?’
‘Heel graag.’
Als Piet en de vrouw in de bestuurskamer komen, kijkt de secretaris eerst wat verstoord. Dat duurt echter niet lang, want de dame begint gelijk te praten en vertelt op een rustige en duidelijke manier wat het probleem is en dat maakt indruk.
Na het papier met de indeling van de velden erbij te hebben gehaald, is de kwestie daarom met één telefoontje opgelost. Verder beloofd de man er ook op te letten dat de wedstrijden van de
JO11-3 niet meer als eerste worden afgelast.
‘Ik weet niet hoe dit probleem ontstaan is, maar het is inderdaad niet correct dat sommige teams steeds thuis zitten en anderen wel altijd kunnen sporten. Wij proberen juist oog te hebben voor al onze leden en niet alleen voor de betere spelers.’
Piet knikt en is blij dat de kwestie is opgelost. Hij schaamt zich echter behoorlijk voor zijn gedrag en geeft ruiterlijk toe dat hij fout is geweest.
‘Ik heb vanavond mijn lesje wel geleerd. Sorry dat ik me zo onbeschoft heb gedragen. Ik was kwaad, maar had me in moeten houden. Als volwassen man moet ik immers weten dat je met praten iets op kunt lossen en met schreeuwen en kwaad worden niet.’

Geniet zowel binnen als buiten van deze prachtige roze poster met de tekst geniet.
KLIK HIER VOOR MEER POSTERS