Kinderen houden van complimenten

Model: Kinderen houden van complimenten
20 Excl. BTW: 20

0
Levertijd: 3-4 werkdagen

Omschrijving

Als Niels na de eerste training van het seizoen met een bedrukt gezicht bij zijn moeder komt, kijkt ze hem verbaasd aan. Dit is namelijk niets voor haar zoontje, want hij komt anders altijd lachend van het veld.
‘Je kijkt niet vrolijk. Wat is er? Ben je ziek? Heb je ruzie gehad? Was het trainen niet leuk of is er iets anders?’
‘Laten we maar naar huis gaan.’
‘Wil je niets drinken dan of eten?’
‘Nee, hoeft niet.’

Erica, Niels moeder, denkt nu zeker te weten dat er iets is en daarom staat ze gelijk op om met haar jongen, die al naar buiten loopt, mee te gaan. In de auto doet ze een nieuwe poging om hem aan het praten te krijgen.
‘Vind je die trainer niet aardig of zijn je teamgenoten niet leuk? Zitten je voetbalschoenen soms niet goed meer? Zeg het maar, want dan gaan we morgen even naar de winkel.’
‘Er is echt niets aan de hand. Ik ben alleen moe en ga daarom zo gelijk naar bed. Als ik vannacht goed slaap, gaat het morgen wel weer beter.’
‘Je voelt je dus niet goed. Heb je dat vaker?’
‘Nee, dit is de eerste keer.’
‘Het komt vast van school en dat is niet raar. Je bent immers een groep omhooggegaan, dus alles is weer nieuw.’
‘Dat zal het dan wel zijn.’
‘Ga zo maar lekker naar bed.’
‘Best.’

Thuis gaat Niels meteen naar boven en loopt zijn moeder naar haar man, die in de kamer zit.
‘Gaat Niels al naar bed? Hij is toch niet ziek?’
‘Volgens hem is hij moe en komt dat door school, maar ik vraag me af of hij niet iets verzwijgt.’
‘Hoezo?’
‘Weet ik niet. Noem het maar gevoel. Toen we gingen, was er niets aan de hand, maar hij kwam met een sip gezicht van het veld af en wilde gelijk naar huis. Hij hoefde zelfs geen chips of limonade en je weet hoe gek hij daarop is.’
‘Hij kan tijdens de training ziek geworden zijn.’
‘Natuurlijk, maar hij ziet er gezond uit. Ik geloof trouwens ook niet meer dat hij moe is van school. Hij is namelijk een prima leerling en hoeft zich daar dus echt niet in te spannen.’
‘Jij bent geen dokter.’
‘Klopt, maar wel zijn moeder en ik ken hem door en door.’

‘Wat denk jij dan dat er is?’
‘Volgens mij maakt hij zich ergens druk over.’
‘Waarover dan?’
‘Ik heb hem er wel naar gevraagd, maar hij is net zo gesloten als wij en liet dus niets los.’    
‘Zullen we ons er maar niet te druk over maken? Met een beetje geluk is er morgen namelijk niets meer aan de hand.’
‘Ik hoop het en anders moeten we hem de eerste dagen wat extra in de gaten houden. Dan merken we het vanzelf als er wél iets is.’
‘Mee eens.’

Als Niels de volgende ochtend grijnzend beneden komt, reageert zijn moeder enorm opgelucht.
‘Lekker geslapen? Ik denk het wel, want je ziet er uitgerust uit en lacht tenminste weer.’
‘Ik ben ook niet moe meer. Mag ik trouwens nog een extra boterham? Ik heb honger.’
‘Natuurlijk mag dat. Ik ben veel te blij dat je weer opgeknapt bent. Moet je morgen weer trainen?’
‘Ja, maar ik kan best een keer overslaan.’
‘Vind je het niet leuk meer bij de club? Je hebt in al die tijd dat je op voetbal zit namelijk nog nooit een training overgeslagen. Zelfs als je een beetje ziek was, ging je nog.’
‘Natuurlijk wil ik graag trainen, maar het kan jullie toch een keer beter uitkomen dat ik niet ga.’
‘Natuurlijk kan dat, maar maak je geen zorgen, man. Jij kunt gewoon gaan trainen.’

Als Erica haar zoontje aankijkt en een sombere blik in zijn ogen meent te zien, vreest ze toch weer dat er gisteren iets bij de club is gebeurd.
Omdat ze zijn humeur niet wil bederven, zegt ze er echter niets over. Als hij een kwartiertje later de deur uit is, belt ze wel haar man op. Die gelooft alleen niet dat ze gelijk heeft.
‘Volgens mij zie je problemen die er niet zijn, maar ik ga morgenavond wel met hem mee om te kijken hoe het gaat.’
‘Best. We wachten het af.’

Erica vindt het niet leuk dat haar man net doet of ze overdrijft. Ze is er namelijk vast van overtuigd dat er wél iets is en ook dat Niels daar eerdaags over begint. Hij kan zijn problemen namelijk zelf nog niet oplossen.

Als haar man en zoon de volgende avond na het trainen thuiskomen, blijkt dat ze de jongen beter kent dan haar man. Niels kijkt namelijk nog somberder dan maandag en zijn vader ziet er ook niet blij uit. Al denkt hij wel te weten wat er is.
‘Wat vond je van het trainen, Niels?’
‘Wel leuk.’
‘Waarom kijk je dan zo triest?’
‘Doe ik dat?’
‘Ja, en dat weet je zelf ook. Volgens mij ligt het niet aan je medespelers of heb ik dat verkeerd?’
‘Nee, die jongens zijn best leuk.’
‘Wat vind je dan van je trainer?’
‘Gaat wel.’
‘Nu eerlijk. Vond je Frits, die jullie vorig seizoen trainde, leuker dan deze man?’
‘Ja.’
‘Waarom?’
‘Weet ik niet goed.’
‘Is het omdat deze trainer alleen ziet wat jullie fout doen en bijna geen complimenten geeft?’
‘Ik ben bang voor hem en ga zaterdag niet voetballen en Tijn en Patrick stoppen er ook mee.’
‘Man, ik ga dit voor je oplossen. Vanavond nog.’

Als Sjoerd even later tegenover de trainer aan een tafeltje zit en hem alles vertelt, reageert de man verbijsterd.
‘Heel goed dat je bent gekomen, want het is natuurlijk niet mijn bedoeling om de kinderen hun plezier te bederven. Wel wil ik ze wat leren, maar dat gaat me op deze manier niet lukken. De grote vraag is natuurlijk hoe het nu verder moet.’
‘Misschien is het goed dat je met het team gaat praten en ze je goede bedoelingen duidelijk maakt. Plus dat je volgens mij een knop om moet zetten. Je bent jongens van zeventien, achttien gewend, maar moet in je benadering terug naar ventjes van elf, twaalf en dertien.’
‘Ik ga zo alle ouders bellen en zaterdag voor de wedstrijd met de groep praten. Nogmaals bedankt dat je hierheen bent gekomen.’
‘Succes en mijn steun heb je.’

Geniet zowel binnen als buiten van deze prachtige poster met afgedrukte gedroogde hortensia.

KLIK HIER VOOR MEER POSTERS