Omschrijving
Als Erik op de parkeerplaats van zijn voetbalclub uit de auto stapt, wordt hij aangesproken door Alexander, die leider is van de JO13-1.
‘Ik denk dat we een probleem hebben.’
‘Hoezo?’
‘Ik ben door drie ouders gebeld die er problemen mee hebben dat Ruud volgend seizoen onze trainer wordt. Ze vinden hem veel te streng.’
‘Die lui moeten zich niet bemoeien met zaken waar ze geen verstand van hebben. De JO13-1 is een prachtig team en daarom zijn we erg blij dat we zo’n goede trainer hebben gevonden. Van Ruud kunnen de spelers tenminste iets leren en dat doen ze van een goedwillende ouder niet.’
‘Over zijn kwaliteiten twijfelen de mensen niet. Ze willen alleen dat er op een manier met hun kroost wordt omgegaan die bij hun leeftijd past. Ik heb gevraagd waarop ze hun mening baseren en ze blijken ingelicht te zijn door spelers en ouders van de JO19-1, het vorige team van Ruud.’
‘Nu begrijp ik het. De jongens van de JO19 waren enorme lastpakken en daarom heeft Ruud ze flink aangepakt. Die gasten zijn echter een jaar of zes ouder dan de kinderen die hij nu krijgt en daarom is hij bij de JO13-1 echt wel rustiger. Zeker omdat het helemaal niet nodig is om die knapen hard aan te pakken.’
‘Dat zeg jij en ik ben het met je eens. Ik heb ook liever een te strenge dan een te lieve trainer. Het probleem is alleen dat die ouders de andere vaders en moeders in gaan lichten, dus zullen er nog wel meer telefoontjes volgen.’
‘Dar zit erin, maar ik vind niet dat we onze oren naar die mensen moeten laten hangen. Als er op Ruud wat aan te merken was, zou ik de eerste zijn om onze fout te erkennen. Hij is echter al een jaar of tien trainer en er heeft nog nooit iemand over hem geklaagd. Op zijn laatste team na, is iedereen juist enorm positief over hem.’
‘Je hoeft mij niet te overtuigen. De vraag is alleen hoe we dit probleem aan moeten pakken. Ik moet namelijk wel iets, want de ouders die me gebeld hebben, verwachten op korte termijn antwoord.’
‘Stuur ze maar een appje dat je mij gesproken hebt en ik er namens het jeugdbestuur binnen twee weken op terugkom. We hebben komende maandag immers vergadering en dan bespreken we het wel met de rest van het bestuur.’
‘Is goed.’
Erik, die al jaren jeugdvoorzitter is, maakt zich niet druk over de ontevreden ouders en als het aan hem ligt, krijgen ze niet hun zin. Al zal er waarschijnlijk wel gepraat moeten worden, maar dat is geen probleem. Er is namelijk niemand die een geldig argument kan hebben om Ruud geen trainer van de JO13-1 te maken. Na een goed gesprek zal het probleem dus wel opgelost zijn.
Als hij ’s maandagsavonds bij de club komt, blijkt het probleem echter groter te zijn dan hij had verwacht. Alexanders staat hem namelijk bij het hek op te wachten.
‘Het gezeur wordt steeds erger.’
‘Want?’
‘Ik heb vandaag nog vijf appjes gehad van ouders die niet willen dat Ruud trainer wordt.’
‘Dit wordt echt te gek.’
‘Zeg dat wel. Denk trouwens niet te licht over het probleem, De ouders lijken me namelijk vrij zeker van hun zaak en niet voor rede vatbaar.’
‘Als zij kunnen bepalen wat wij doen, stop ik per direct. Ik heb het altijd met plezier gedaan, maar laat me niet als loopjongen gebruiken. Nodig iedereen trouwens maar uit voor volgende week maandag om acht uur in de bestuurskamer. Als de rest van het bestuur tenminste ook kan.’
‘Prima.’
Als het jeugdbestuur een week later met de ouders om tafel zit, begint Erik, ondanks zijn ergernis, rustig te praten.
‘Mensen, ik heb begrepen dat een aantal van jullie problemen heeft met de aanstelling van Ruud als trainer. Hij zou te streng zijn. Die mening baseren jullie echter op zijn functioneren bij de JO19-1 en dat team is niet te vergelijken met de JO13-1. Jullie kinderen zijn namelijk zes jaar jonger en veel rustiger en gemakkelijker in de omgang. Ruud heeft dus geen reden om streng te zijn en beseft heus wel dat hij tegen de JO13 anders moet doen dan tegen de JO19. Ik zie dus geen reden om hem geen trainer van jullie te maken en zou als ouder zelfs blij met hem zijn. Hij is namelijk een topper en dat bewijst hij al diverse jaren. Als wij hem om de door jullie genoemde reden niet als trainer willen, kunnen we trouwens beter alle trainers wegsturen. Aan iedereen mankeert namelijk wel wat. Plus dat jullie natuurlijk niet bepalen door wie jullie kinderen wel of niet getraind worden. Zeker als daar geen goede reden voor is.’
Als Erik zwijgt, neemt een vader het woord.
‘Een mooi verhaal, maar dat verandert niets aan de zaak. Wij hebben er namelijk geen vertrouwen in dat die Ruud op een normale manier met onze kinderen omgaat. Dat heeft ten dele met zijn verleden te maken, maar we vinden zijn uitstraling ook niet bij de JO13-1 passen.’
‘Meneer, jullie mening is gebaseerd op aannames en meningen van anderen. Er is namelijk niemand die Ruud kent. Geef hem daarom de kans om te laten zien hoe hij echt is. ’
‘Dat doen we niet.’
‘Dan hebben we een probleem, want wij laten niet zomaar een trainer vallen en zeker niet zonder een goede reden. Ruud wordt dus gewoon de nieuwe trainer van de JO13-1.’
‘Dan vertrekken er acht spelers.’
‘Meneer, dit is chantage.’
‘Zo is het niet bedoeld. Wij willen alleen een normale trainer en geen boeman.’
‘Dat is Ruud ook niet.’
‘Wij vinden van wel en zijn wat mij betreft uitgepraat. U weet wat onze eis is en ook wat we doen als die niet ingewilligd wordt.’
‘We kunnen er toch als volwassenen over praten.’
‘Dat hebben we al gedaan. We gaan daarom naar huis en horen wel wat de club besloten heeft.’
Als de ouders weg zijn, kijken de bestuursleden elkaar en vooral hun voorzitter vragend aan.
‘Wat moeten we hiermee?’
‘Niets. We blijven bij ons standpunt. Ruud wordt trainer en als we daardoor acht leden verliezen, dan moet dat maar.’
‘Weet wel wat je zegt, Erik. Wat moeten we namelijk met de zes jongens die wel lid blijven? Zij zijn te klein voor de JO15 en dat team heeft trouwens al spelers te veel. Plus dat ze ook niet naar de JO11 kunnen, want die zitten ook vol. We verliezen dus geen acht, maar zeer waarschijnlijk veertien leden.’
‘Jos heeft gelijk. Misschien moeten we daarom toch overwegen om de ouders hun zin te geven. Dat staat me wel tegen, maar we kunnen de club niet de dupe van onze principes laten worden.’
‘Ik ben het met Jos en Erwin eens.’
‘Ja, voor de vereniging is het beter om Ruud dan toch maar geen trainer te laten worden.’
Voorzitter Erik weet wat dit betekent. Hij is in de minderheid en moet zich bij het standpunt van de anderen neerleggen. Dat doet hij ook, maar niet zonder zijn conclusie te trekken.
‘Mannen, jullie hebben recht op je mening en de meerderheid beslist. Het idee dat de ouders bepalen wat er bij de club gebeurt, is voor mij echter een reden om aan het eind van dit seizoen te stoppen. Als we mensen die dreigen hun zin geven, is volgens mij namelijk het einde zoek.'
‘Ik denk dat we een probleem hebben.’
‘Hoezo?’
‘Ik ben door drie ouders gebeld die er problemen mee hebben dat Ruud volgend seizoen onze trainer wordt. Ze vinden hem veel te streng.’
‘Die lui moeten zich niet bemoeien met zaken waar ze geen verstand van hebben. De JO13-1 is een prachtig team en daarom zijn we erg blij dat we zo’n goede trainer hebben gevonden. Van Ruud kunnen de spelers tenminste iets leren en dat doen ze van een goedwillende ouder niet.’
‘Over zijn kwaliteiten twijfelen de mensen niet. Ze willen alleen dat er op een manier met hun kroost wordt omgegaan die bij hun leeftijd past. Ik heb gevraagd waarop ze hun mening baseren en ze blijken ingelicht te zijn door spelers en ouders van de JO19-1, het vorige team van Ruud.’
‘Nu begrijp ik het. De jongens van de JO19 waren enorme lastpakken en daarom heeft Ruud ze flink aangepakt. Die gasten zijn echter een jaar of zes ouder dan de kinderen die hij nu krijgt en daarom is hij bij de JO13-1 echt wel rustiger. Zeker omdat het helemaal niet nodig is om die knapen hard aan te pakken.’
‘Dat zeg jij en ik ben het met je eens. Ik heb ook liever een te strenge dan een te lieve trainer. Het probleem is alleen dat die ouders de andere vaders en moeders in gaan lichten, dus zullen er nog wel meer telefoontjes volgen.’
‘Dar zit erin, maar ik vind niet dat we onze oren naar die mensen moeten laten hangen. Als er op Ruud wat aan te merken was, zou ik de eerste zijn om onze fout te erkennen. Hij is echter al een jaar of tien trainer en er heeft nog nooit iemand over hem geklaagd. Op zijn laatste team na, is iedereen juist enorm positief over hem.’
‘Je hoeft mij niet te overtuigen. De vraag is alleen hoe we dit probleem aan moeten pakken. Ik moet namelijk wel iets, want de ouders die me gebeld hebben, verwachten op korte termijn antwoord.’
‘Stuur ze maar een appje dat je mij gesproken hebt en ik er namens het jeugdbestuur binnen twee weken op terugkom. We hebben komende maandag immers vergadering en dan bespreken we het wel met de rest van het bestuur.’
‘Is goed.’
Erik, die al jaren jeugdvoorzitter is, maakt zich niet druk over de ontevreden ouders en als het aan hem ligt, krijgen ze niet hun zin. Al zal er waarschijnlijk wel gepraat moeten worden, maar dat is geen probleem. Er is namelijk niemand die een geldig argument kan hebben om Ruud geen trainer van de JO13-1 te maken. Na een goed gesprek zal het probleem dus wel opgelost zijn.
Als hij ’s maandagsavonds bij de club komt, blijkt het probleem echter groter te zijn dan hij had verwacht. Alexanders staat hem namelijk bij het hek op te wachten.
‘Het gezeur wordt steeds erger.’
‘Want?’
‘Ik heb vandaag nog vijf appjes gehad van ouders die niet willen dat Ruud trainer wordt.’
‘Dit wordt echt te gek.’
‘Zeg dat wel. Denk trouwens niet te licht over het probleem, De ouders lijken me namelijk vrij zeker van hun zaak en niet voor rede vatbaar.’
‘Als zij kunnen bepalen wat wij doen, stop ik per direct. Ik heb het altijd met plezier gedaan, maar laat me niet als loopjongen gebruiken. Nodig iedereen trouwens maar uit voor volgende week maandag om acht uur in de bestuurskamer. Als de rest van het bestuur tenminste ook kan.’
‘Prima.’
Als het jeugdbestuur een week later met de ouders om tafel zit, begint Erik, ondanks zijn ergernis, rustig te praten.
‘Mensen, ik heb begrepen dat een aantal van jullie problemen heeft met de aanstelling van Ruud als trainer. Hij zou te streng zijn. Die mening baseren jullie echter op zijn functioneren bij de JO19-1 en dat team is niet te vergelijken met de JO13-1. Jullie kinderen zijn namelijk zes jaar jonger en veel rustiger en gemakkelijker in de omgang. Ruud heeft dus geen reden om streng te zijn en beseft heus wel dat hij tegen de JO13 anders moet doen dan tegen de JO19. Ik zie dus geen reden om hem geen trainer van jullie te maken en zou als ouder zelfs blij met hem zijn. Hij is namelijk een topper en dat bewijst hij al diverse jaren. Als wij hem om de door jullie genoemde reden niet als trainer willen, kunnen we trouwens beter alle trainers wegsturen. Aan iedereen mankeert namelijk wel wat. Plus dat jullie natuurlijk niet bepalen door wie jullie kinderen wel of niet getraind worden. Zeker als daar geen goede reden voor is.’
Als Erik zwijgt, neemt een vader het woord.
‘Een mooi verhaal, maar dat verandert niets aan de zaak. Wij hebben er namelijk geen vertrouwen in dat die Ruud op een normale manier met onze kinderen omgaat. Dat heeft ten dele met zijn verleden te maken, maar we vinden zijn uitstraling ook niet bij de JO13-1 passen.’
‘Meneer, jullie mening is gebaseerd op aannames en meningen van anderen. Er is namelijk niemand die Ruud kent. Geef hem daarom de kans om te laten zien hoe hij echt is. ’
‘Dat doen we niet.’
‘Dan hebben we een probleem, want wij laten niet zomaar een trainer vallen en zeker niet zonder een goede reden. Ruud wordt dus gewoon de nieuwe trainer van de JO13-1.’
‘Dan vertrekken er acht spelers.’
‘Meneer, dit is chantage.’
‘Zo is het niet bedoeld. Wij willen alleen een normale trainer en geen boeman.’
‘Dat is Ruud ook niet.’
‘Wij vinden van wel en zijn wat mij betreft uitgepraat. U weet wat onze eis is en ook wat we doen als die niet ingewilligd wordt.’
‘We kunnen er toch als volwassenen over praten.’
‘Dat hebben we al gedaan. We gaan daarom naar huis en horen wel wat de club besloten heeft.’
Als de ouders weg zijn, kijken de bestuursleden elkaar en vooral hun voorzitter vragend aan.
‘Wat moeten we hiermee?’
‘Niets. We blijven bij ons standpunt. Ruud wordt trainer en als we daardoor acht leden verliezen, dan moet dat maar.’
‘Weet wel wat je zegt, Erik. Wat moeten we namelijk met de zes jongens die wel lid blijven? Zij zijn te klein voor de JO15 en dat team heeft trouwens al spelers te veel. Plus dat ze ook niet naar de JO11 kunnen, want die zitten ook vol. We verliezen dus geen acht, maar zeer waarschijnlijk veertien leden.’
‘Jos heeft gelijk. Misschien moeten we daarom toch overwegen om de ouders hun zin te geven. Dat staat me wel tegen, maar we kunnen de club niet de dupe van onze principes laten worden.’
‘Ik ben het met Jos en Erwin eens.’
‘Ja, voor de vereniging is het beter om Ruud dan toch maar geen trainer te laten worden.’
Voorzitter Erik weet wat dit betekent. Hij is in de minderheid en moet zich bij het standpunt van de anderen neerleggen. Dat doet hij ook, maar niet zonder zijn conclusie te trekken.
‘Mannen, jullie hebben recht op je mening en de meerderheid beslist. Het idee dat de ouders bepalen wat er bij de club gebeurt, is voor mij echter een reden om aan het eind van dit seizoen te stoppen. Als we mensen die dreigen hun zin geven, is volgens mij namelijk het einde zoek.'

Verkoop en prijs per 4 stuks
Tekstkaarsen ik smelt voor jou
Een sfeervol cadeautje voor de man of vrouw die bijzonder voor u is.
De kaarsjes kunnen op bijzondere momenten opgebrand worden, maar
ook ter decoratie ergens neer worden gezet. Deze kaarsjes vertellen
wat u van iemand vindt.
KLIK HIER VOOR MEER KAARSEN