Omschrijving
De kinderen van mijn vriendin
Na een jaar of drie alleen te zijn geweest, heeft Anton sinds een maand of acht weer een vriendin en daar is hij erg blij mee. Ze hebben het namelijk ontzettend leuk en daarnaast is hij verzot op haar twee kinderen. Af en toe krijgt hij zelfs het gevoel dat hij meer voor hen dan voor zijn eigen zoon en dochter voelt, maar volgens hem is dat niet raar. Zijn eigen kinderen ziet hij namelijk maar om het weekend en hij heeft het gevoel dat zijn ex ze tegen hem opzet. Plus dat ze niet goed met zijn vriendin kunnen en nog slechter met haar kinderen.
De weekenden met zijn zoon en dochter worden dan ook een steeds groter probleem en daarom vraagt hij zich af hoelang het duurt voor hij ze niet meer ziet. Zeker omdat zijn ex hem al een paar keer op een hatelijke manier heeft laten weten dat ze nu al liever niet meer komen en ze hem verwijten dat hij de kinderen van zijn vriendin voortrekt ten opzichte van hen. Hij vindt dat echter onzin en meent dat dit een spelletje is om de kinderen bij hem weg te houden.
De liefde voor zijn twee bonuskinderen neemt, mede daardoor, echter steeds extremere vormen aan. Als de twee jongens, die bij zijn eigen kinderen in de klas zitten, op een middag huilend en met een smerige broek van school komen, maakt hij er dan ook gelijk een drama van.
‘Jullie huilen nooit, dus neem ik aan dat er iets is gebeurd. Hebben jullie met grotere jongens gevochten of was de meester vervelend? Als dat zo is, kan die kerel beter een andere baan gaan zoeken. Het is namelijk nogal flauw om kinderen van acht en negen aan het huilen te maken. Zeg het dus maar. Moet ik jullie ergens mee helpen? Hoe komen jullie trouwens zo vies?’
Jarno, de meest spraakzame van de twee, kijkt Anton met een kwaad gezicht aan.
‘We hebben ruzie gehad met die nare kinderen van jou. Zij doen al een hele tijd hartstikke rot tegen ons en vanmiddag hebben ze tegen meester Bart gezegd dat wij in de gang met water en zand hadden gegooid.’
‘Dat moeten jullie eigenlijk ook niet doen, maar ik neem aan dat dit tijdens het spelen is gebeurd.’
‘Wij hadden die troep niet gemaakt, maar zij. Omdat zij natuurlijk werden geloofd en wij niet, mochten we niet mee naar gymnastiek en moesten we alles opruimen. Plus dat we vreselijk van meester Bart op onze kop hebben gehad.’
Anton voelt zich boos worden en geeft in gedachten zijn ex de schuld van alles. Hij neemt zich daarom voor om haar straks te bellen om te vertellen wat hij van haar gedrag vindt.
‘Het is natuurlijk flauw dat ze jullie op laten draaien voor de dingen die zij doen, maar ik zal er wel voor zorgen dat dit niet nog eens gebeurt. Plus dat ik zo even bij jullie meester langsga, om hem te vertellen dat hij jullie niet meer onterecht ergens de schuld van moet geven. Ik weet alleen nog steeds niet waarom jullie huilden.’
‘Dat is onderweg naar huis gebeurd. Toen we tegen jouw kinderen zeiden dat we ze gemeen vonden, begonnen ze namelijk te vechten en kwam de man van die tuintjes ze te hulp. Hij heeft ons allebei flink door elkaar geschud en toen we ons los rukten, zijn we gevallen.’
Anton rent zonder iets te zeggen naar buiten en besluit eerst naar de jongens hun meester te gaan en onderweg belt hij met zijn ex.
‘Met Anna.’
‘Ja, met mij. Jij moet tegen je kinderen zeggen dat ze Jarno en Maurice met rust moeten laten en ik wil niet nog eens horen dat ze hen op laten draaien voor de geintjes die zij uithalen.’
‘Waar heb je het over? Ik weet hoe verzot je op je nieuwe vlam bent. Je komt er echter nog wel achter dat zij niet zo leuk is als jij denkt, maar dat zijn haar jongens ook niet. Niet onze kinderen hebben op school namelijk de boel op stelten gezet, maar die draken van haar. Zij kunnen alleen net zo mooi praten als hun moeder en jij bent zo dom dat je alles gelooft. Ga het maar aan de meester vragen, dan hoor je wel wat er is gebeurd. Dit is trouwens de laatste keer dat ik je zo tegen me heb laten schreeuwen, want als je dit nog eens doet, verbreek ik de verbinding.’
Anton wil nog wel reageren, maar zijn vrouw heeft hem al weggedrukt en daarom rijdt hij nog veel bozer door naar school. Als hij daar uit de auto springt, ziet hij de man die de jongens te pakken heeft gehad en omdat hij in gedachten nog steeds de trieste stem van Jarno hoort, rent hij woest naar hem toe.
‘Hé grote kerel. Als jij je met een ruzie van een paar schoolkinderen bemoeit, moet je de echte daders aanpakken en geen onschuldige knapen. Laat ik trouwens niet nog eens horen dat je hen pijn hebt gedaan, want dan krijg je eerst met mij te maken en vervolgens de politie op je dak.’
Anton is zo boos dat hij de man bij zijn arm pakt, maar dat hij beter niet kunnen doen. Zijn ‘tegenstander’ pakt hem namelijk met twee handen vast, tilt hem een eindje van de grond en begint vervolgens woest te schreeuwen.
‘Ben jij de vader van die twee jochies die ik vanmiddag voor de vijfde keer deze week uit mijn tuin heb gehaald omdat ze mijn plantjes aan het vernielen waren? Ik raad je aan om ervoor te zorgen dat ik ze niet nog eens betrap, want de volgende keer komen ze er niet zo genadig af als nu. Goed trouwens dat ik je tref, want die helden hebben me zo zeker dertig euro schade bezorgd. Laten we daarom gelijk maar even afrekenen en ik wil ze dus nooit meer in mijn tuin zien.’
Anton is zo onder de indruk van de man dat hij zwijgend zijn portemonnee pakt en hem drie briefjes van tien geeft. Als hij daarna in zijn auto wil stappen, ziet hij dat de jongens hun meester buiten is gekomen en hem wenkt. Eerst wil hij net doen of hij niets heeft gezien, maar dan loopt hij naar de man toe. Alle scheldwoorden die hij in gedachten had houdt hij echter voor zich. Hij is wel openhartig tegen de meester en die begrijpt hem beter dan hij had verwacht.
‘Ik schaam me behoorlijk voor mijn gedrag.’
‘Niet nodig, want u bent geen uitzondering. Het is me namelijk al vaker opgevallen dat veel mannen anders met de kinderen van hun partner omgaan dan met die van henzelf. Hun eigen kroost kan weinig meer goed doen, maar de bonuskinderen worden, soms terecht en vaker onterecht, op handen gedragen en het maakt niet uit of ze jong of ouder zijn. Waarom mannen dat doen, weet ik niet. Het zou kunnen dat ze in een goed blaadje bij hun partner en haar gezin willen komen, maar ik heb geen idee of dat zo is. Het gevolg hiervan is echter wel dat er veel kinderen de band met hun vader verbreken en dat is jammer. ’
Anton knikt een keer, maar gaat niet op de woorden van de meester in en loopt naar zijn auto. Nadat hij ingestapt is, duurt het echter een hele tijd voor hij naar huis gaat.
Na een jaar of drie alleen te zijn geweest, heeft Anton sinds een maand of acht weer een vriendin en daar is hij erg blij mee. Ze hebben het namelijk ontzettend leuk en daarnaast is hij verzot op haar twee kinderen. Af en toe krijgt hij zelfs het gevoel dat hij meer voor hen dan voor zijn eigen zoon en dochter voelt, maar volgens hem is dat niet raar. Zijn eigen kinderen ziet hij namelijk maar om het weekend en hij heeft het gevoel dat zijn ex ze tegen hem opzet. Plus dat ze niet goed met zijn vriendin kunnen en nog slechter met haar kinderen.
De weekenden met zijn zoon en dochter worden dan ook een steeds groter probleem en daarom vraagt hij zich af hoelang het duurt voor hij ze niet meer ziet. Zeker omdat zijn ex hem al een paar keer op een hatelijke manier heeft laten weten dat ze nu al liever niet meer komen en ze hem verwijten dat hij de kinderen van zijn vriendin voortrekt ten opzichte van hen. Hij vindt dat echter onzin en meent dat dit een spelletje is om de kinderen bij hem weg te houden.
De liefde voor zijn twee bonuskinderen neemt, mede daardoor, echter steeds extremere vormen aan. Als de twee jongens, die bij zijn eigen kinderen in de klas zitten, op een middag huilend en met een smerige broek van school komen, maakt hij er dan ook gelijk een drama van.
‘Jullie huilen nooit, dus neem ik aan dat er iets is gebeurd. Hebben jullie met grotere jongens gevochten of was de meester vervelend? Als dat zo is, kan die kerel beter een andere baan gaan zoeken. Het is namelijk nogal flauw om kinderen van acht en negen aan het huilen te maken. Zeg het dus maar. Moet ik jullie ergens mee helpen? Hoe komen jullie trouwens zo vies?’
Jarno, de meest spraakzame van de twee, kijkt Anton met een kwaad gezicht aan.
‘We hebben ruzie gehad met die nare kinderen van jou. Zij doen al een hele tijd hartstikke rot tegen ons en vanmiddag hebben ze tegen meester Bart gezegd dat wij in de gang met water en zand hadden gegooid.’
‘Dat moeten jullie eigenlijk ook niet doen, maar ik neem aan dat dit tijdens het spelen is gebeurd.’
‘Wij hadden die troep niet gemaakt, maar zij. Omdat zij natuurlijk werden geloofd en wij niet, mochten we niet mee naar gymnastiek en moesten we alles opruimen. Plus dat we vreselijk van meester Bart op onze kop hebben gehad.’
Anton voelt zich boos worden en geeft in gedachten zijn ex de schuld van alles. Hij neemt zich daarom voor om haar straks te bellen om te vertellen wat hij van haar gedrag vindt.
‘Het is natuurlijk flauw dat ze jullie op laten draaien voor de dingen die zij doen, maar ik zal er wel voor zorgen dat dit niet nog eens gebeurt. Plus dat ik zo even bij jullie meester langsga, om hem te vertellen dat hij jullie niet meer onterecht ergens de schuld van moet geven. Ik weet alleen nog steeds niet waarom jullie huilden.’
‘Dat is onderweg naar huis gebeurd. Toen we tegen jouw kinderen zeiden dat we ze gemeen vonden, begonnen ze namelijk te vechten en kwam de man van die tuintjes ze te hulp. Hij heeft ons allebei flink door elkaar geschud en toen we ons los rukten, zijn we gevallen.’
Anton rent zonder iets te zeggen naar buiten en besluit eerst naar de jongens hun meester te gaan en onderweg belt hij met zijn ex.
‘Met Anna.’
‘Ja, met mij. Jij moet tegen je kinderen zeggen dat ze Jarno en Maurice met rust moeten laten en ik wil niet nog eens horen dat ze hen op laten draaien voor de geintjes die zij uithalen.’
‘Waar heb je het over? Ik weet hoe verzot je op je nieuwe vlam bent. Je komt er echter nog wel achter dat zij niet zo leuk is als jij denkt, maar dat zijn haar jongens ook niet. Niet onze kinderen hebben op school namelijk de boel op stelten gezet, maar die draken van haar. Zij kunnen alleen net zo mooi praten als hun moeder en jij bent zo dom dat je alles gelooft. Ga het maar aan de meester vragen, dan hoor je wel wat er is gebeurd. Dit is trouwens de laatste keer dat ik je zo tegen me heb laten schreeuwen, want als je dit nog eens doet, verbreek ik de verbinding.’
Anton wil nog wel reageren, maar zijn vrouw heeft hem al weggedrukt en daarom rijdt hij nog veel bozer door naar school. Als hij daar uit de auto springt, ziet hij de man die de jongens te pakken heeft gehad en omdat hij in gedachten nog steeds de trieste stem van Jarno hoort, rent hij woest naar hem toe.
‘Hé grote kerel. Als jij je met een ruzie van een paar schoolkinderen bemoeit, moet je de echte daders aanpakken en geen onschuldige knapen. Laat ik trouwens niet nog eens horen dat je hen pijn hebt gedaan, want dan krijg je eerst met mij te maken en vervolgens de politie op je dak.’
Anton is zo boos dat hij de man bij zijn arm pakt, maar dat hij beter niet kunnen doen. Zijn ‘tegenstander’ pakt hem namelijk met twee handen vast, tilt hem een eindje van de grond en begint vervolgens woest te schreeuwen.
‘Ben jij de vader van die twee jochies die ik vanmiddag voor de vijfde keer deze week uit mijn tuin heb gehaald omdat ze mijn plantjes aan het vernielen waren? Ik raad je aan om ervoor te zorgen dat ik ze niet nog eens betrap, want de volgende keer komen ze er niet zo genadig af als nu. Goed trouwens dat ik je tref, want die helden hebben me zo zeker dertig euro schade bezorgd. Laten we daarom gelijk maar even afrekenen en ik wil ze dus nooit meer in mijn tuin zien.’
Anton is zo onder de indruk van de man dat hij zwijgend zijn portemonnee pakt en hem drie briefjes van tien geeft. Als hij daarna in zijn auto wil stappen, ziet hij dat de jongens hun meester buiten is gekomen en hem wenkt. Eerst wil hij net doen of hij niets heeft gezien, maar dan loopt hij naar de man toe. Alle scheldwoorden die hij in gedachten had houdt hij echter voor zich. Hij is wel openhartig tegen de meester en die begrijpt hem beter dan hij had verwacht.
‘Ik schaam me behoorlijk voor mijn gedrag.’
‘Niet nodig, want u bent geen uitzondering. Het is me namelijk al vaker opgevallen dat veel mannen anders met de kinderen van hun partner omgaan dan met die van henzelf. Hun eigen kroost kan weinig meer goed doen, maar de bonuskinderen worden, soms terecht en vaker onterecht, op handen gedragen en het maakt niet uit of ze jong of ouder zijn. Waarom mannen dat doen, weet ik niet. Het zou kunnen dat ze in een goed blaadje bij hun partner en haar gezin willen komen, maar ik heb geen idee of dat zo is. Het gevolg hiervan is echter wel dat er veel kinderen de band met hun vader verbreken en dat is jammer. ’
Anton knikt een keer, maar gaat niet op de woorden van de meester in en loopt naar zijn auto. Nadat hij ingestapt is, duurt het echter een hele tijd voor hij naar huis gaat.

Blikje voor de leukste papa oranje. Wit blikje met zwarte
hokjes en lijntjes en oranje vlak met zwarte tekst.
Dit leuke blikje wordt leeg geleverd, maar is door u te
vullen met iets lekkers.
KLIK HIER VOOR MEER BLIKJES